Christina Fennema maakt elk jaar vogeltaarten, voor in de tuin.

Liefhebberij: ‘Na val ben ik met hobby begonnen’

Christina Fennema maakt elk jaar vogeltaarten, voor in de tuin. Rens Hooyenga

Appelscha – Dennen-, hulst-, taxus- en coniferentakken, de woonkamer van Christina Fennema (55) uit Appelscha ligt ermee bezaaid. Tussen sinterklaas en kerst tenminste. Dan steekt ze het groen in kerststukjes. Niet alleen voor in haar eigen woning, haar creaties zijn in menig woonkamer in de regio te vinden. Zie het als een hobby die wat uit zijn jasje is gegroeid.

‘Eigenlijk was ik vroeger nooit zo van de hobby’s’, vertelt Fennema. Tot ze 20 jaar was, keek ze niet om naar freubelwerk, een kerstkaart zelf maken had ze geen tijd voor. ‘Ik was altijd aan het werk. Eerst veel in de horeca en in de winter maakte ik schoon.’ Dag en nacht was ze wel actief. Daar kwam verandering in net nadat ze een eigen woning had gekocht in Leeuwarden. ‘Uit de douche de gladde trap af en daar ging ik. Ik belandde bovenop een aquarium, die onderaan de trap stond.’ Er was weinig meer van over. ‘Net als mijn rechter arm, die bungelde er maar wat bij.’ Pezen, spieren en de slagader waren dwars doormidden.

‘Ik verveelde me kapot’

Een heftige periode, noemt Fennema de jaren die volgden. ‘Therapie, pijn en thuiszitten’, somt ze op. ‘Dat laatste was nog het ergste. Dat was ik niet gewend, ik verveelde me kapot.’ Maar naarmate de jaren verstreken, kwam het gevoel terug. De arm werd sterker en Christina probeerde zich weer nuttig te maken. ‘Dat begon met het knippen van gekleurde lapjes stof. Kartelranden waren helemaal hip, weet ik nog.’ De knipsels werden op bollen piepschuim geplakt, waar weer een kerstboom van gemaakt werd. ‘Oubollig als ik er zo op terugkijk, maar ik kon tenminste weer wat. En het werd nog leuk gevonden ook.’

Veel voldoening

Na de eigen woning gedecoreerd te hebben, verkocht ze wel eens wat. Werken lukte haar niet meer, maar uit het lichte knutselwerk haalde ze veel voldoening. Een marktkraampje werd gehuurd in Leeuwarden. En ook dat liep goed. ‘Dat zag mijn moeder ook, die eveneens aan het knutselen sloeg. Pluche beesten en theemutsen werden toegevoegd aan het marktwaar. De zus van mijn moeder begon te breien, mijn vader begon aan vogelhuisjes en ander houtwerk en mijn oom kon ook goed figuurzagen. Het werd een gezellige boel.’ De mannen brachten de dames naar de markt, zetten de stand op, waarna de vrouwen het mochten verkopen. ‘En mijn vader maakte wel eens houten voorwerpen voor mijn creaties, want ik kan veel, maar mijn arm werkt nog lang niet als van ouds. Vooral met zware dingen heb ik moeite.’

Camping de Alkenhaer

Markten in de Stellingwerven volgden toen Fennema twintig jaar geleden naar Appelscha verhuisde. ‘Ik denk dat op camping de Alkenhaer in elke caravan wel werk van mij hangt’, stelt de hobbyist, die het in Appelscha erg naar haar zin heeft. Door de jaren heen maakte de hobbyist meer en uiteenlopende spullen. ‘Van vogeltaart tot kaart.’ En door markten te bezoeken, leer je steeds meer hobbyisten kennen. Mensen met andere inzichten, ik deed veel inspiratie op. Je leert van elkaar. Er werd wel eens een stelling gehuurd in Het Kramenhuis in Oosterwolde en toen de vorige eigenaar stopte, besloot Fennema er de scepter te zwaaien, met succes. ‘Iedereen kan hier een stelling huren om spullen te verkopen. Zie het maar als een markt, waar je zelf niet bij hoeft te staan.’

Vetbollen

Inmiddels zijn alle 65 stellingen bezet. Fennema kon het zelf niet laten en richtte twee stellingen in met eigen spullen. ‘En als ik wat kerststukken overhoud, is dat geen probleem. De winter duurt nog wel even. Ik haal de kerstballen eruit en zet er vetbollen weer in. Het is een geweldig geheel en ik sta er met veel plezier. Voor aankomend jaar hoop ik wat verrijdbare stellingen aan te schaffen, zodat ik die in de avond naar de zijkanten kan rijden en workshops kan organiseren. Tenminste, als corona dat toelaat.’