Wim Boom wilde de beste grasschilder van Nederland worden.

Liefhebberij: ‘Graslanden, terwijl ik meer van het bos ben’

Wim Boom wilde de beste grasschilder van Nederland worden. Rens Hooyenga

Appelscha – Alle kleuren verf heeft hij wel, maar van groen gebruikt hij het allermeest in zijn werken. Dat komt omdat Wim Boom (83) uit Appelscha gek is op het schilderen van graslanden. ‘Ooit wilde ik de beste grasschilder van Nederland worden.’ Maar die droom heeft hij naast zich neer gelegd.

Weidse gezichten, weilanden, afgescheiden door sloten of hekjes en in de verte een boerderij. De hal van Boom hangt vol met schilderijen als deze. Zijn woonkamer ook. Werken van meer dan vijftien jaar geleden, maar ook meer recente. En af en toe hangt er een tekening tussen. Een gedetailleerd kunstwerk van een wandelpad bijvoorbeeld. ‘Het is maar net wat ik tegenkom. Als ik het mooi vind, maak ik er wat van.’

Zevenhonderd euro lichter

Tekenen deed hij al van jongs af aan, maar het schilderen startte hij pas na zijn pensionering. ‘Omdat mijn dochter aan de kunstacademie studeerde, besloot ik samen met haar de nodige spullen aan te schaffen. Dat moment vergeet ik nooit meer: we zouden samen gaan schilderen, samen een liefhebberij ontwikkelen. Die dag was ik zevenhonderd euro lichter.’ Maar het schilderen ging door. ‘Gelukkig wel.’ Samen togen ze, bepakt met schildersezel, diverse pencelen en verf naar Makkinga. Vanaf een zandpad – welke het was, weet Boom niet meer – keken ze uit over een grasland. En zo spendeerden ze er vele uren. Zoals een echte landschapsschilder, midden in de natuur. Genieten deden ze er van, ‘maar het was gauw over’. ‘Natuurlijk, het is prachtig om zo bezig te zijn. Praktisch is het echter allerminst.’ Wanneer je in de Rottige Meente aankomt en merkt dat het daar regent bijvoorbeeld, geeft hij als voorbeeld. ‘Veertig kilometer rijden om weer terug te kunnen. Het is me met regelmaat overkomen.’ De ene keer regent het, de andere keer waait je schildersezel om, het idyllische werd ingeruild voor een fototoestel. ‘Ik word ouder.’

Landschappen

Het zijn de foto’s die hij ophangt in zijn atelier en naschildert. ‘Voornamelijk landschappen. De 80 bunder, landerijen tussen Slijkenburg en Wolvega, waar de Linde tussendoor kronkelt, het weiland dat je ziet vanaf het fietspad tussen Appelscha en Oosterwolde. Halverwege, bij de sluis.’ Oost- en Weststellingwerf zijn erg populair bij de kunstenaar uit Appelscha. Maar hij heeft ook wel schilderingen van andere delen van Friesland. Ook land. Waarom? ‘Ik heb geen flauw idee. Ik heb er helemaal niks mee. Niet met weiland, niet met gras, ik vind het gewoon fijn om het te schilderen. Veel gekker ben ik op bos. Ik heb diverse trektochten gemaakt en altijd vond ik het bos mooier.’

‘Als ik maar schilder’

Wim Boom is momenteel bezig met een landschap op een rechthoekig stuk mdf, het materiaal waar hij al zijn werken op creëert. ‘Waar het was, ben ik vergeten.’ Ooit gemaakt. Ooit, wanneer maakt niet uit, als het landschap maar mooi is. De lijnen van sloten, de accenten, de bloemen. ‘En het maakt ook niet uit welk grasland ik schilder, als ik maar schilder. Daarom vind ik het ook moeilijk een hobby te noemen, ik moet schilderen net als een acteur het podium op moet, moet ik schilderen. Landerijen.’ Wat dat betreft heeft de oud Amsterdammer een goede woonplaats uitgekozen om te wonen. Landerijen genoeg. ‘Het enige probleem is dat ik, als ik op pad ga, vaak mijn fototoestel vergeet. Ik kom veel moois tegen, maar ik vergeet het vast te leggen.’

Morvan

Of hij nog een droom heeft? ‘Jawel. Ik zou wel eens naar Morvan willen, een gebied in Frankrijk. Een gebied vol heuvels, grasland bovenal en genoeg plekjes om dagen achtereen van achter een schildersezel te werken zonder dat het begint te regenen. Wat zou het mooi zijn, maar wat is het ook ver weg’, realiseert hij zich. ‘Ik denk niet dat het er voor mij ooit nog in zit.’ En daarom put Boom voorlopig maar uit zijn oude foto’s vol grassprieten in de Stellingwerven.