‘Rennen, daar neem ik de tijd voor': Erich Edema (84) is gek op hardlopen

Korte broek en jackje aan. Even een flinke opwarming in de achtertuin, de timer op nul en lopen maar. Zo ziet de zondagochtend van Erich Edema (84) uit Elsloo eruit. Elke week loopt hij hard. Weer of geen weer. ‘Even driekwartier lopen. Daar blijf ik fit bij.’

Erich Edema: 'Ik probeer nog wel eens een record van mezelf te verbreken.'

Erich Edema: 'Ik probeer nog wel eens een record van mezelf te verbreken.' Rens Hooyenga

Het is een hobby waar hij nog geen afscheid van wil nemen. ‘Ik kijk er naar uit, elke week weer.’ Zijn vaste rondje: de Riete, de Donkereweg, de Koedijk en via het Noord weer terug. Zonder mobieltje, voor als er wat gebeurt onderweg. ‘Nee, een mobiele telefoon heb ik niet. Ze weten wel waar ik ben’, zegt Edema. Nooit gaat hij – lopend of fietsend – weg zonder te zeggen waar hij ongeveer is. De parcoursen zijn allemaal bekend bij zijn vrouw, maar meestal houdt hij het bij zijn vaste rondje. ‘Ook in de winter, ik loop inmiddels zo lang hard, dat ik wel weer hoe ik moet lopen mocht het wat glad zijn.’

Edema is inmiddels al langer dan veertig jaar lid van loopsportvereniging Invictus. ‘Ik ben lid sinds de oprichting.’ Zijn voorkeur voor lopen ontstond al toen hij jong was. Het is er een soort van ingeslopen.

Sukkeldrafje

‘Wij woonden vroeger buitenaf. Naar school moest ik altijd lopen. Drie kilometer in m’n eentje. Dat ging dan vaak al in een sukkeldrafje.’ Veel later, toen Edema in dienst moest, zat hij bij bij de zogenoemde ‘mortieren’. ‘Onze commandant vond het leuk om anderen uit te dagen. Mijn jongens lopen veel harder dan die van jou zei hij dan tegen een commandant van een ander specialisme. En zo renden wij tegen elkaar, vaak rondjes om het sportveld.’

Invictus

Na de oorlog kwam het eigenlijk door zijn kinderen dat Edema weer begon te lopen. ‘Tijdens een korfbal- of voetbalcross, waarbij alle jonge sporters zo’n vijf kilometer rennend moesten afleggen, rende ik vaak mee. Ik kreeg er weer aardigheid aan en besloot me bij Invictus aan te sluiten toen het werd opgericht.’ Het was precies waar Edema op zat te wachten al die jaren. ‘Wacht, ik pak even een fotoalbum’, zegt Edema. ‘Een foto uit 1981. Dit is Van Wijk, omringd door zo’n veertig leden. Het zijn de eerste leden van Invictus’, vertelt het lid.

Flinke vooruitgang

Eerst wat trainen, toen wat afstandjes van vijf tot tien kilometer. Er kwam wel eens een wedstrijd voorbij. ‘Het breidde zich steeds wat uit.’ Hij pakt een ander boek uit zijn kast. ‘Hier hield ik mijn tijden in bij’, vertelt Edema. 15 kilometer, staat er. Op 26 februari van 1987: 59,47 minuten. 4 oktober van dat jaar: 57,02 minuten. 11 oktober: 56,37. Edema boekte flinke vooruitgang, maakte sprongen. ‘Maar daar ging het bij mij helemaal niet om. Tuurlijk het is leuk dat je snel loopt, maar ik doe het om te bewegen. Ik zou nooit helemaal uitgeput over de eindstreep komen.’ En eindstrepen heeft hij nogal wat gezien: die van de Elfstedentocht, zowel lopend als fietsend. ‘Heb ik achttien keer gedaan.’ De Slachtemarathon. ‘Liep ik in 2000, 2004, 2008 en 2012.’ De triathlon van Oldeberkoop: vijftien keer. ‘Na een kilometer door de Tsjonger zwemmen, fietste je veertig kilometer via Makkinga weer richting Nijeberkoop om daarna nog tien kilometer naar en door Oldeberkoop te lopen.’ Een prachtige route, noemt hij het. NK’s veldlopen, de marathon van Rotterdam: zeven keer.

Bos medailles

Edema loopt even richting de gang. Met een bos medailles komt hij terug. ‘Reken maar dat je wat wint, het is een kwestie van trainen en wedstrijden lopen.’ De Sterreloop Ureterp, staat er op één van de eremetalen van 21 kilometer, oftewel een halve marathon. Op de achterkant is zijn eindscore gekerfd: 1,48,10 uur. En: 15 februari 2003. ‘Je wordt wat ouder en loopt wat minder snel. Een andere medaille: de Trimloop van Drachten op 6 februari 1999. Wederom een halve marathon: 1,40,40 uur.

TIA

En tussen alle onderscheidingen bevindt zich uiteraard ook die van de Volksloop van Ooststellingwerf in 2017. ‘Het is praktisch het laatste evenement waar ik aan meedeed’, vertelt Edema, die enkele jaren daarvoor werd getroffen door een TIA. ‘Een grote schrik. Maar ik herstelde. Een tijdje twijfelde ik of ik weer moest gaan hardlopen, maar heb het toch maar gedaan. Wel in mindere vorm. Lopen doe ik nu maximaal elf kilometer. Daar deed ik vroeger driekwartier over. Zolang doe ik nu over mijn 5,5 kilometer rondje. Moet je nagaan. Ik probeer nog wel eens een record van mezelf te verbreken, maar dat wordt steeds lastiger.’