Column Door de ogen van de boswachter: Vriend of vijand

Beekdal De Linde. Foto: Staatsbosbeheer

Boswachters van Staatsbosbeheer Manon van Wesel en Paula Swinkels schrijven elke maand beurtelings een column in de Nieuwe Ooststellingwerver en de Stellingwerf. Zij nemen de lezer in korte verhalen mee op ontdekkingstocht door de natuur van Oost- en Weststellingwerf. Deze week is het de beurt aan Manon van Wesel.

Water is een chemische verbinding bestaande uit meerdere atomen die samen een molecuul vormen. Maar scheikunde was niet mijn beste vak op school dus dit zegt mij vrij weinig. Om het simpeler te maken, water is een stof. Toch is het één van de belangrijkste stoffen op aarde. Volgens geleerde is het eerste leven op aarde in water ontstaan. Voor de mens is water van levensbelang en zonder water geen natuur. Als mens hebben we echter altijd al een haat-liefde relatie gehad met water. Zo is Nederland een land waar van oudsher een strijd tegen water wordt gevoerd. De eerste bewoners van de laaggelegen gebieden in Nederland begonnen al rond 500 voor Christus met het bouwen van terpen om bij hoog water een droge plek te hebben. Volgende stappen in deze strijd waren het aanleggen van dijken, ontginningen en inpolderen van gebieden. Inmiddels hebben we een landschap gecreëerd met sloten, vaarten, kanalen, plassen, meren en rivieren met molens, gemalen, polders en dijken. Zonder deze ingrepen zou bijvoorbeeld ongeveer de helft van Nederland overstromen.

Afvoerputje

Nederland is aangepast aan zo groot en snel mogelijke afvoer van water naar de zee. Maar door onze omgang met water ervaart de Nederlandse natuur negatieve effecten zoals versnippering, verdroging, vermesting en verzuring. Terwijl er juist in Nederland veel watergebonden en waterafhankelijke natuur is. Voldoende en schoon water zijn cruciaal voor natuur en behoud van biodiversiteit. Als een hoog- en laagveen gebied langdurig droog valt dan breekt het veen af, verdwijnt het en komt er veel koolstofdioxide vrij. Zo is ook door het grotendeels rechttrekken van beken en verlagen van het waterpeil, het beekdallandschap op veel plekken niet meer zo dynamisch als het was. De waterkwaliteit, de samenstelling van water, en kwantiteit bepaalt grotendeels welke natuur je er voor terug krijgt. Grondwater verschilt in samenstelling van oppervlaktewater en regenwater. Grondwater in de ene regio is anders dan grondwater in een andere regio.

Het hoofd boven water houden

Stel je eens voor, je bent een regendruppel en valt vanuit de hemel neer op de hoger gelegen zandgronden in Drenthe. Jij en je mededruppels hebben een lange ondergrondse reis voor de boeg en vele uitdagingen te overwinnen met als eindbestemming het paradijs. Tijdens deze reis worden jullie door moeder aarde gefilterd en nemen jullie allerlei belangrijke mineralen, zoals ijzer en kalk, in jullie rugzak mee. Vervolgens komen jullie onder druk weer ergens aan de oppervlakte naar boven, Jullie worden ook wel kwelwater genoemd. Als het tegenvalt stopt je reis al eerder dan gepland omdat je wordt weggevangen. Je komt onder druk naar boven in een kanaal of een vaart. Met de snelheid van een waterglijbaan belandt je uiteindelijk in een groot meer of in de zee. Je voelt je er alleen en verlaten. Je rugzak zat bij lange na niet vol met mineralen en de inhoud ervan gaat nooit nuttig gebruikt worden. Als het meezit haal je het einde van je reis. Je hebt een volle rugzak met mineralen. Je krijgt zelfs de naam mineraalrijk grondwater wat voor boswachters de crème de la crème van het kwelwater is. Je komt naar boven in de kronkelende beek de Linde, of de nattere graslanden van het Stuttebosch die daar aan grenzen. Een glooiend, dynamisch, kleurrijk en uniek landschap waar het barst van het leven. Waar allerlei bijzondere plantensoorten met smacht wachten op jou en de inhoud van jouw rugzak. Je bent als druppel in topconditie, hier hoor je thuis.

Nieuws

menu