Grafdelver vindt grote zwerfkei op begraafplaats in Elsloo

Elsloo - Een wellicht een historische vondst op de begraafplaats in Elsloo. Grafdelver Gerdo Heite uit Oosterstreek ontdekte bij het delven van een graf een grote zwerfkei.

Nu komt de doorgewinterde grafdelver op kerkhoven en begraafplaatsen wel het een en ander tegen, maar dit was hem nog nooit overkomen. ‘Ik vond ‘m met de minikraan, zo’n zestig centimeter onder de grond.’ Met behulp van de minikraan werd de kei door hem blootgelegd.

Shovel

De minikraan had niet de kracht de langwerpige steenklomp van zo’n vijfenzeventig centimeter hoog met een gewicht van om en nabij de 500 kilogram omhoog te werken. Kerkrentmeester Helmich Hammer kwam polshoogte nemen. Hij besloot met zijn shovel de kei uit de grond te tillen.

Klokkenstoel

Vermoedelijk is het een van de zes zwerfkeien die de klokkenstoel, die destijds op de begraafplaats stond, ondersteunde. In 1953 werd die afgebroken en werd er naast de kerk weer een klokkenstoel opgebouwd uit afbraakmaterialen van een oud spoorwegstation in Utrecht. Dat materiaal werd met de train vervoerd tot station Peperga. Daar werd het door de lidmaten die paard en wagen hadden met vereende kracht naar Elsloo vervoerd.

Balstiender

De zwerfkeien waren niet meer nodig, omdat de nieuwe klokkenstoel op betonpoeren kwam te staan. Ook een oude foto van de kerk van vóór 1913 toont dat er zwerfkeien op het pad naar de ingang van de kerk lagen. Op 24 november 1954 schreven de kerkvoogden dat er nog veel stenen in de grond zaten op de plek waar de klokkenstoel stond. Belangstellende lidmaten konden briefjes inleveren bij de administrerend kerkvoogd. Toch er bleek geen belangstelling te bestaan om de “balstiender” op te halen. De keien werd met vereende kracht met zand bedolven. Of ze daar allemaal onder de grond zijn gestopt is een open vraag. Op de begraafplaats wordt nader gepeild.

Rode treurwilg

Op 29 april 1959 werd besloten om op de plaats van de oude klokkenstoel een boom (rode treurwilg) te planten. Deze opgegraven zwerfkei lag op zo’n zes meter van de treurwilg. De kei krijgt ongetwijfeld een mooi plekje bij de kerk of op de begraafplaats.

De tekst gaat verder na de foto

Ruilverkaveling

Ook ten tijde van de ruilverkaveling van Elsloo e.o., zo rond 5 oktober 1966, werd als eens een zwefkei opgegraven. T.de Jong uit Oranjewoud was toen uitvoerder. Hij zag wel meer “steentjes” voorbij komen, maar wat hij die dag tegenkwam was een kei van wel 2500 kilo. De Jong: “We hebben hem met behulp van een bulldozer op een vrachtauto gehesen, want de hydraulische kraan kon de enorme kei niet tillen”. Eenmaal in zijn tuin zette zijn tuinman er een Latijnse spreuk op.

Markering

Zwerfkeien, of balstiender in het Stellingwarfs, zijn keien die toevallig ergens zijn gevonden. Het zijn stukken steen of veldkeien die door een gletsjer of ijskap zijn meegevoerd. Ze worden gebruikt als markering, bijvoorbeeld op een driesprong van wegen. Van oudsher werden de zwerfstenen ook langs paden of als erfscheiding neergelegd. Overal in Elsloo zijn die balstiender in verschillende maten en soorten langs wegen en erven te vinden. Ook een zwerfsteen als grafmarkering gebruiken is een heel oud gebruik. De kei markeert de plaats waar de overledene is begraven. Op de begraafplaats in Elsloo is dat het geval op drie plekken.