NiekHoort
Door Niek van der Oord

Column: Nare vakantie om nooit te vergeten

Het was voor mij een vakantie om nooit te vergeten. Maar dan niet in de gunstige zin van het woord.

Door de coronacrisis werd het dit jaar geen Zuid-Frankrijk, maar bleven we in eigen land. Wat zijn we daar achteraf blij om. In de eerste week van onze vakantie ging het steeds slechter met onze hond.

Over onze 14-jarige boerenfox Laika heb ik al eens eerder geschreven. Voor ons was het de liefste hond van de wereld. We hebben altijd gezegd dat we haar niet onnodig willen laten lijden en dat ze tot aan het eind een hondwaardig bestaan verdient. Het besluit om haar te laten inslapen was desondanks de moeilijkste beslissing van mijn leven. Dat inslapen kon gelukkig bij ons thuis gebeuren.

In vrijwel dezelfde periode kreeg ook mijn moeder gezondheidsklachten. Nadat ze te horen kreeg ongeneeslijk ziek te zijn, overleed ze binnen een week. Op papier was zij met 94 hoogbejaard; de praktijk was totaal anders. Mijn moeder stond nog volop in het leven, woonde zelfstandig en redde zich met alles nog prima. Wat ze tijdens de Tweede Wereldoorlog meemaakte, is door collega Lourens Looijenga vorige week in zijn column goed verwoord.

Ik heb het grotendeels vastgelegd in het boek ‘Het mankeert ons aan een goed adres’. Na de oorlog had ze een leven met hoge toppen en soms diepe dalen. De laatste jaren genoot ze in elk geval met volle teugen van het leven.

Hoewel ze diverse lichamelijke ongemakken had, zei ze altijd ‘Ik ben nooit ziek.’ Het idee bedlegerig te worden was voor haar onacceptabel. Daarom hield ze ook haar laatste dagen de regie strak in handen. Euthanasie was voor haar een optie. Het werd uiteindelijk palliatieve sedatie. ‘Niet om mij huilen’, sprak ze de familie en vrienden in haar afscheidstelefoontjes streng toe. ‘Dat is zelfmedelijden.’

Het verstand weet dat het afscheid nemen van twee geliefden onvermijdelijk was. Het hart moet het nog flink verwerken.