Liefhebberij: Herinneringen in vorm van een knuffelbeer

Appelscha – Waar een ander voor ontspanning een boek leest of puzzelt, maakt Hannie de Vegt (59) uit Appelscha knuffelberen, inmiddels al duizend.

Van groot tot klein, met flaporen of zonder en in alle kleuren. Al sinds 1980 beoefent ze deze hobby, die ontstond toen De Vegt opgeleid werd tot modeontwerpster. ‘In Rotterdam, waar ik ben geboren, volgde ik de opleiding tot kostuumnaaister. We oefenden op knuffelberen. Daar was minder stof voor nodig, een stuk goedkoper voor de school. We maakten van alles: rokjes, blouses, broeken, jassen.’ Er ontstond een hele garderobe vol mini kledingstukken en accessoires voor de teddybeer. ‘Hartstikke leuk werk’, noemt ze het. ‘Ik had er veel aardigheid aan en het ging ook best goed.’ Ze was graag met de opleiding doorgegaan, maar haar vriend, waar ze destijds mee samenwoonde bekende schulden te hebben. ‘En met die opleiding erbij ontstonden er natuurlijk alleen maar meer schulden.’ Hannie besloot aan het werk te gaan. De schulden werden weggewerkt en bij haar werkgever bleef ze vervolgens iets te lang hangen. Modeontwerpster werd ze nooit, maar de beren bleef ze kleden.

Ontspanning

‘Het geeft me ontzettend veel ontspanning.’ En de beren die ze maakt – allen tussen de 5 tot 40 centimeter groot – geeft ze intussen graag weg. ‘Anders lag onze hele woning er vol mee. Nee, dat is iets te gek. Dan kun je er beter iemand blij mee maken. Ik maak ze en dan hoop ik er iemand mee op te vrolijken’, vertelt de liefhebber, die niet uit geknuffeld raakt. De ene keer is het een familielid of een vriend, maar het gebeurt ook wel eens dat ze een verzoek krijgt van iemand, bijvoorbeeld van dominee Schellevis van de kerk in Appelscha. 'Hij vroeg mij eens een knuffelbeer te maken van de stropdas van een overleden dierbare.’

Verzoekjes

Toen dat aardig lukte, maakte De Vegt nog twee voor de predikant. En zo krijgt ze wel vaker bijzondere verzoekjes. Onder meer voor een reparatie, want dat doet ze ook. ‘Toen ik bij zorginstelling Trajectum Zeuvenakkers werkte, vroeg een 19-jarige bewoner mij of ik zijn knuffel wilde repareren. Geen probleem dacht ik, totdat ik slechts een blauwe kop en wat stukje stof kreeg aangereikt.’ De hond had de beer te grazen genomen. Met een jasje kon Hannie de ‘littekens’ goed camoufleren en was de bewoner, die de knuffel al zijn hele leven had, ontzettend blij en dankbaar. ‘Hij vond de knuffel nog mooier dan daarvoor, wat mij ontroerde. Erg fijn om op die manier iets voor een ander te kunnen betekenen’, benadrukt Hannie, die inmiddels met pensioen is. Oftewel: meer tijd om knuffels te maken, voor de televisie of zoals nu, lekker naar buiten met haar naaimachine, stofjeskar en dozen vol oogjes en neuzen. ‘Het is mooi weer.’

Bingo

Momenteel worden er drie teddy’s in elkaar gezet: een gele, een blauwe en een grote rode van veertig centimeter. ‘De grootste die ik ooit maakte. Ik ben normaliter van klein en ik ben gek op details.’ Voor wie ze ze maakt? ‘Nog geen idee. Ik vond het gewoon mooie kleuren. Misschien één voor een bingo, zodra dat weer mag of anders zet ik ze op een karretje langs de weg, voor kinderen om gratis af te halen.’ Dat deed Hannie al eerder. ‘Dan zette ik er zes langs de weg. Ze waren zo foetsie.’

Berenjacht

Tijdens de coronacrisis zette ze er zoveel mogelijk in de vensterbank, zodat kinderen uit de buurt op ‘berenjacht’ konden terwijl de scholen gesloten waren. Beren te kust en te keur. Een paar kinderen van de kerk hadden tekeningen van beren gemaakt. ‘Ik kon het niet laten’, zegt Hannie, die er 3D-ontwerpen van maakte. ‘Ik heb ze tot leven gebracht en overhandig de knuffels binnenkort aan de kinderen. Mij is niets te gek’, gaat de berenstilist verder. Door de vele ervaring doet ze over één beer gemiddeld tien uurtjes, voor een beer met veel details heeft ze het dubbele aantal uren nodig. ‘En één haken kost me ongeveer een week.’

Schoonmaakdoekjes

Vooral beren, maar voor de afwisseling maakt ze ook wel eens een kat en tussen haar collectie begeeft zich ook een egel. Wie een mooie knuffel wenst, kan ook zo in overleg gaan met De Vegt. Grote kans dat ze zich er wel mee redt. ‘Die gele beertjes die hier tussen staan, zijn gemaakt van schoonmaakdoekjes. Zou je niet zeggen, hè?’ De creatieveling maakte ook wel eens platte varianten van de schoonmaakdoekjesbeer en maakte daar met cliënten op haar werk mee schoon.

Duizend

Hoeveel knuffels ze in totaal maakte, weet ze niet precies. ‘Dat is lastig na te gaan, maar ik denk zo rond de duizend’. Ze naait, breit en haakt immers al veertig jaar. ‘Ja, mijn creaties zijn in veel huishoudens te vinden’, glundert ze. ‘En ik hoop er nog veel meer mensen mee te verblijden.’