Liefhebberij: ‘Makkinga liet mij verzamelen’

Makkinga – De gang van de voordeur naar de keuken was lang, kaal en alles behalve gezellig, vond Leny Cordewener (81) toen ze in Makkinga kwam wonen. In juni is dat precies 25 jaar geleden. Even oud is haar hobby.

‘Ik vond dat de gang wat moest worden aangekleed’, zegt Leny, die nog goed weet hoe ze daar een invulling aan gaf. ‘Hier wordt gedurende het voorjaar en de zomer maandelijks een rommelmarkt gehouden. Het leek mij een goed idee om daar eens een kijkje te nemen.’ Leny, die eveneens een kwart eeuw in Oosterwolde woonde, keek haar ogen uit. ‘Wat een spul en prullaria. De rommelmarkt was immens groot.’ Het duurde dan ook niet lang of er sprong haar iets leuks in het oog.

Doe wat je wilt, gekletst wordt er toch

De toen 56-jarige Leny bracht een bord met een toepasselijke spreuk mee naar huis. ‘Dit is hem’, zegt ze als ze naar het verzamelstuk wijst. Op het Delfts Blauwe bord staat de tekst ‘Doe wat je wilt, gekletst wordt er toch’ geschreven. ‘Ik was nieuw in het dorp en kon me voorstellen dat iedereen wel wat over mij dacht. Ik vond het perfect voor bij ons aan de muur.’ En ze kreeg gelijk: ‘Er kan in de dorpskern flink geroddeld worden.’ De markt trok de maand erop weer haar aandacht en er was genoeg plek in de gang voor nog een spreuk. ‘Van het één komt het ander’, laat de verzamelaar weten. ‘Vaak scharrelde ik er één op.’ En haar man? Die vond het ook leuk staan. ‘Samen struinden we over de markten en hij hielp op een gegeven moment ook mee om te zoeken naar borden en tegeltjes met leuke spreuken.’ Het waren niet zomaar leuke spreuken die meegingen naar huize Cordewener, stuk voor stuk moesten ze op een Delfts Blauw tegeltje zijn geschreven. ‘Dat had mijn voorkeur.’

Wie door de gang van echtpaar Cordewener loopt heeft genoeg te lezen. Er hangen tal van spreuken. ‘En elke keer als ik er met een stofdoek bij langs ga, geniet ik er weer van’, vertelt Leny. ‘Het zijn er inmiddels wat te veel om ze uit m’n hoofd te kennen.’

Spaar je vrienden, leen bij de bank

Wie zijn vrouw heeft meegenomen, is nooit te laat thuisgekomen, is één van de teksten. ‘Spaar je vrienden, leen bij de bank, vind ik een hele leuke’, geeft Leny te kennen. Kom vrouw we gaan naar bed, want de visite wil naar huis, leest een ander tegeltje. Ze hoefden niet allemaal heel netjes te zijn. En dan: Kom maar dichterbij, hij is korter dan je denkt. Of Leny of haar man die op de markt heeft aangekocht, laat ze in het midden. Er hangt van alles. Maar sinds de muur vol begon te raken, let de hobbyist ook op andere dingen op de Makkingaster markt. Er staan tegenwoordig ook kastjes met daarop: vazen, poppetjes, klompjes, kruidenpotjes, schilderijtjes, schoteltjes, potten, groot, klein, alles staat erop, als het maar van Delfts Blauw is. Om de hoek in de keuken hangt zelfs een Delfts Blauwe koffiemolen. ‘Als je eenmaal bezig bent’, zegt Cordewener met een glimlach. Haar ogen glijden af naar de hoek van de gang.

Poppen

‘De rommelmarkt van Makkinga had zoveel leuks te bieden.’ Leny startte tevens een verzameling laven. ‘De poppen zijn zo mooi en met zoveel liefde gemaakt. Dat zie je er meteen aan af. Er zitten zoveel details in.’ En of dat nog niet genoeg is, hangt de keuken vol met puddingvormen. ‘Ook die kwam ik tegen. Er zitten zoveel leuke vormpjes bij, dat ik ze niet kon laten liggen. Het is erg leuk, mocht je eens iemand willen verrassen met een lekkere pudding’, laat de Makkingaster weten. ‘Met kerst bijvoorbeeld. De kinderen waren er altijd gek op. Vooral de pudding in de vorm van een vis of die in een hartvorm waren erg geliefd. Gebruiken doet ze ze amper. ‘Ik denk dat ik twee van de veertig wel eens gebruik om een pudding te maken.’ Ze zoekt even in een keukenkastje. ‘Ja, ik heb nog een voorraadje kookpudding.’ Voor als één van haar acht kleinkinderen of drie achterkleinkinderen langkomt. ‘Altijd leuk.’

Gang is bomvol

Het blijft bij deze drie verzamelingen, verzekert ze. ‘De gang is inmiddels bomvol.’ Daarbij: ‘Vinden doe ik de spreuken en de laven toch nog amper op de markt. Ze zijn schaars geworden.’ Leny vindt het spijtig dat de eerste rommelmarkt van het seizoen gecanceld is vanwege het coronavirus. ‘Het is niet anders, het is noodzakelijk.’ Wel kijkt ze er weer met smart naar uit.

Het zonnetje schijnt. ‘Biertje, biertje, ik zal je zuipen, al moet ik op handen en voeten kruipen’, leest Leny als ze door de gang naar buiten loopt.