Auteursduo zit vast in Spanje

Oosterwolde - Theo en Marianne Hoogstraaten zitten door de corona-crisis opgesloten in Spanje. Dat land is zwaar getroffen door het coronavirus. Er zijn al bijna 100.000 mensen besmet en ruim 8000 patiënten bezweken. Op zijn vroegst kan het Stellingwerfse auteursduo (ze schrijven literaire thrillers en historische romans, elke week staat hun feuilleton in deze krant) op 8 mei terug naar huis.

Vanuit Spanje doet het echtpaar verslag.

‘Al vanaf half januari verblijven wij op La Palma in een huis aan de oceaan. De bedoeling was om in alle rust aan ons nieuwe boek De schaduwkoningin te kunnen werken, maar natuurlijk ook om een beetje vakantie te kunnen houden en van het mooie eiland en het mooie weer te genieten. Nieuws over het coronavirus bereikte ons wel, maar het was iets van ver weg.

Noodlot slaat toe

De laatste week van ons verblijf zouden we doorbrengen in een huis in het noorden van het eiland, bij het plaatsje Punta Gorda. En toen sloeg het noodlot toe. In de nacht van veertien maart werd in Spanje de noodtoestand uitgeroepen en ging men over op een totale lockdown. De huurperiode van ons huis was verstreken en we moesten het huis verlaten. Maar we mochten ons ook niet meer verplaatsen.

Thriller

Het werd een ware thriller. In de hoofdstad Santa Cruz ging de politie al rond met luidsprekerwagens en joeg iedereen die zich op straat waagde naar binnen. Buitenlanders mochten alleen nog rijden als ze konden aantonen dat ze op weg waren naar het vliegveld. Het risico was dat we werden aangehouden en meteen in een of ander hotel in isolatie zouden worden vastgezet.

Guardia Civil

Koortsachtig overleg met onze gastvrouw in Punta Gorda, die we gelukkig al jaren kennen, volgde. Zij overlegde met de plaatselijke politie en kreeg gedaan dat die ons door zou laten gaan naar ons huis. Voor het geval we op de doorgaande weg werden aangehouden door de Guardia Civil, mailde ze ons een verklaring in het Spaans die we dan moesten laten zien. Hopelijk liet die ons dan ook passeren.

Grote boog

Stijf van de stress begonnen we aan onze rit. We kennen hier goed de weg, dus we zijn met een grote boog om steden waar zeker politie op straat zou zijn, heen gereden. Na een half uur bereikten we de doorgaande weg naar het noorden, een steile slingerweg vol haarspeldbochten die door de ‘Kloof der doodsangsten’ voert. Voor ons heeft die naam nu een dubbele betekenis gekregen.

Beklemmend en onwerkelijk

Over de verlaten weg reden we door uitgestorven dorpjes met lege terrassen. Het was beklemmend en onwerkelijk. Groot was onze opluchting toen voor ons het benzinestation van Punta Gorda opdoemde en we daar de hoofdweg konden verlaten. Het laatste deel van de route voerde over onverharde, smalle weggetjes die soms zo steil waren dat je minutenlang in de eerste versnelling moest blijven rijden. Vorig jaar vonden we dit een soort sport, nu was het vooral spannend.

Brede smile

Onze gastheer Lalo en onze gastvrouw Beatriz stonden ons met een brede smile op te wachten omdat het toch maar gelukt was. We waren voorlopig veilig, in een afgelegen huis bovenop een heuvel, met uitzicht op een kloof, het dorpje Punta Gorda en de oceaan in de verte. Beatriz had al boodschappen voor ons gehaald, dus we konden een paar dagen tot rust komen.

Repatriëringsvlucht

En toen begon het volgende bedrijf. Toeristen moesten La Palma verlaten. Hotels, pensions en alle kleinere accommodaties moesten van de overheid worden gesloten. Toeristen die geen vlucht hadden moesten zich melden voor een repatriëringsvlucht. Paniek! Theo heeft astma en behoort dus tot de risicogroep. Een longarts in Nederland raadde dringend af om nu op reis te gaan en overvolle vliegvelden en vliegtuigen vol paniekerige mensen die onmogelijk voldoende afstand konden bewaren, vooral te mijden.

Vraag om ellende

De paniek werd nog groter toen bleek dat de repatriëring in twee stappen zou plaatsvinden: eerst met een klein vliegtuig naar Gran Ganaria, daar de nacht doorbrengen op het vliegveld en pas de volgende dag een vlucht naar Schiphol. Een levensgrote vraag om ellende dus. Dat nooit! Daar kwam nog bij dat we hiervandaan het vliegveld nooit op tijd zouden kunnen bereiken omdat rijden in het donker hier voor ons levensgevaarlijk is. En opnieuw bracht Beatriz uitkomst. Er bleek een uitzondering te worden gemaakt voor buitenlandse toeristen die hier in een huis verbleven dat geschikt was voor een lang verblijf, mits ze er al waren op het moment dat de noodtoestand werd uitgeroepen. En dus regelde ze een document waarop staat dat we dit huis hebben gehuurd vanaf 13 maart tot eind april.

Boodschappen

We moeten ons nu strikt houden aan de regels van de Spaanse overheid. Geen probleem natuurlijk. Dat betekent bijvoorbeeld dat we alleen weg mogen om naar de supermarkt te gaan. Theo doet een keer per week alleen boodschappen, omdat er slechts een persoon in een auto mag zitten. Hij heeft behalve het huurdocument, zijn paspoort en de oorspronkelijke vliegtickets bij zich om aan te kunnen tonen dat we hier allang zijn.

Handschoenen en mondkapje

De eerste keer is hij drie keer gecontroleerd. De supermarkt mag je een voor een naar binnen, met handschoenen aan en mondkapje op. Praten mag alleen tegen het personeel. Opvallend is dat er hier niet wordt gehamsterd. Iedereen gedraagt zich erg gedisciplineerd en redelijk ontspannen. We konden een paar dingen niet krijgen, maar die werden later door Beatriz gebracht, plus een grote kist fruit, aardappelen en groenten van eigen teelt. Haar man kwam ons een grote hoeveelheid hout voor de haard brengen.

Vriendelijkheid

Het is hier een kleine gemeenschap en er zijn vrijwel geen buitenlanders meer. Toch voelen we ons redelijk op ons gemak, vooral door de vriendelijkheid van onze gastvrouw. Marianne spreekt redelijk Spaans en had vanuit Nederland via Whatsapp regelmatig contact met haar. We hadden onder andere bloembollen voor haar meegenomen. Kleine dingen, die opeens een grotere betekenis krijgen.

Livebeelden van camera’s

Ook in de supermarkt is iedereen vriendelijk en de ‘buren’ aan de overkant van de kloof zwaaien elke dag naar ons. Geen idee hoelang dit nog gaat duren, maar we houden het voorlopig nog vol. Dagelijks hebben we contact met familie en vrienden die voor ons huis zorgen. Om niet te vergeten hoe het er daar uitziet, kijken we elke dag even naar de livebeelden van de camera’s rondom. Het meest bizar was het moment dat we een alarm kregen omdat er langere tijd beweging was bij de voordeur. Er stond een bezorger van het Centraal Boekhuis voor de deur, die de promotie-exemplaren van ons pas verschenen boek Dans om de troon kwam afleveren. We vrezen dat het nog wel even zal duren voordat we ze zelf in ontvangst kunnen nemen.